De Residentie komt slechts twee keer voor binnen De Heeren van Blanckx. Samen staan deze woningen op een van de meest markante plekken van de wijk en vormen ze vanaf de entree direct een herkenningspunt. Juist die bijzondere positie gaf de architect de ruimte om de architectuur nét wat rijker uit te werken.
De begane grond is royaal opgezet. De woonkamer ligt aan de voorzijde en krijgt door de erker een duidelijke relatie met de straat. Aan de achterzijde bevindt zich de leefkeuken, met ruimte voor koken, eten en dagelijks samenzijn. Ook bij dit type zorgen openslaande deuren voor een directe verbinding met de tuin. Op de verdieping bevinden zich de slaapkamers en badkamer. De zolder biedt ruimte voor extra kamers, een werkplek of bergruimte. De indeling is daarmee vertrouwd en praktisch, maar de woonbeleving is door de positie en architectuur duidelijk anders dan bij de andere woningtypen.
Het meest bijzondere element is de woonerker van de rechterwoning. Die ligt als het ware tussen binnen en buiten in: een lichte plek in de woning met uitzicht onder de bomen door richting de 's-Gravenpolderseweg. De linkerwoning krijgt haar eigen accent door de topgevel en de erker richting de Bugelweg. Samen vormen deze twee woningen een markant begin- en herkenningspunt binnen de straat.
Ook in de detaillering onderscheidt De Residentie zich. Denk aan muurankers, een sterke entree met bovenlicht, gekeimd metselwerk en zorgvuldig gekozen kapvormen. Niet als losse versiering, maar als onderdeel van het architectonische verhaal: een eigentijdse vertaling van het Zeeuwse herenhuis.
De Residentie valt niet alleen op door haar architectuur, maar vooral door de manier waarop de woningen hun omgeving beleven: met zichtlijnen richting de straat, de bomen en de entree van de wijk.