Binnen is de ruimte praktisch ingedeeld. Aan de voorzijde bevindt zich de keuken, aan de tuinzijde de woonkamer. De trap ligt in de woonkamer en vormt daarmee een logisch onderdeel van het dagelijks gebruik van het huis. Op de eerste verdieping liggen twee slaapkamers en een badkamer. De zolder biedt ruimte voor een derde slaapkamer, een thuiswerkplek of hobbyruimte. Daarmee is Het Stadshuis compact in maat, maar verrassend compleet in gebruik.
Architectonisch vormen de twaalf Stadshuizen samen het hart van de langste gevelwand. De architect heeft dit deel bewust opgedeeld in vier kleinere geveldelen. Door afwisseling in warme baksteen, wit keimwerk, dakpankleuren, voordeuren, bovenlichten en goothoogtes ontstaat ritme en variatie. Zo oogt het geheel niet als één lange rij woningen, maar als een reeks compacte stadshuizen die samen een sterk straatbeeld vormen. Het Stadshuis laat zien dat een compacte, bereikbare woning niet hoeft in te leveren op karakter: een volwaardig herenhuis waarin betaalbaar wonen en hoogwaardige architectuur samenkomen.